Saturday, September 30, 2006

Wie is Mariko?

Naar alle waarschijnlijkheid gaat Martijn Dadema morgen de fel omstreden zevende plaats in de wacht slepen op de GroenLinks kandidatenlijst voor de 2e kamerverkiezingen. Hij zal daarmee, na een lange campagne, buitenlandwoordvoerder worden. De kandidatencommissie stelde onder de nieuwelingen voor de eerste zes plaatsen óók een woordvoerder buitenland voor, namelijk Mariko Peters. In het kader van een ietwat meer level playing field: wie is Mariko Peters? Is ze eigenlijk wel al lid, bijvoorbeeld?

"Ik ben in 2001 lid van GroenLinks geworden. Ik kwam net terug uit Bosnië, waar ik als mensenrechtenjurist betrokken was bij politieke en wetgevingsprocessen in het eerste Bosnische parlement na het uiteen vallen van Joegoslavië. Dat heeft mijn wens gesterkt om ook in mijn eigen leven en in eigen land actief politiek stelling te nemen. Ik las in die tijd een interview met Farah Karimi en vatte bewondering op voor de integere, principiële en activistische stijl waarmee GroenLinks vanuit de Kamer opstaat voor belangengroepen in het buitenland en de mensenrechtendimensie van buitenlands beleid. Omdat GroenLinks zich ook als de beste inzet voor milieu en de democratisering van onze rechtsstaat, was de keuze snel gemaakt."

Hoe wil je in de kamer opereren?
"Ik haal mijn inspiratie uit de universele kracht van de mensenrechten, die solidariteit, emancipatie en een mooie, diverse en schone wereld opeisen. Ik word gemotiveerd door de stem van de progressieve en innoverende krachten, die voor zo’n wereld vechten – zowel in binnen- als buitenland, en vaak onder moeilijke omstandigheden. Ik sta voor een activistische stijl die met begrip van procedurele beperkingen en alertheid op strategie in eigen daad en persoon uitdraagt wat beleden wordt, en niet schroomt om op te komen voor specifieke belangengroepen."

Welke speerpunten zou je hebben in je kamerwerk?
"Internationale vredesmissies zullen de agenda blijven domineren. Dan zet ik mij in voor uitbouw van niet-gewelddadige instrumenten voor deëscalatie van conflict. Zoals een activistische diplomatie die ook in andersdenkende culturen principieel blijft (bijvoorbeeld: VS mag zich niet aan internationaalrechtelijke verplichtingen onttrekken), grenzen trekt waar nodig (bijvoorbeeld: corruptie door partners met wie wij samenwerken kan niet) en open dialoog zoekt met allen (bijvoorbeeld: praat ook met Hezbollah en Hamas). Nederland kan hier een voortrekkersrol spelen en moet zich niet laten meeslepen door alleen de escalatielogica van geweld, zoals bijvoorbeeld hopelijk nog voorkomen kan worden in Afghanistan. Daar is creativiteit, nuchterheid en lef voor nodig.

Op de tweede plaats ontwikkelingssamenwerking. De internationale afspraken over de millenniumdoelen zijn een ultieme collectieve verworvenheid maar het lijkt de internationale gemeenschap aan politieke wil te ontbreken daadwerkelijk op succes in te zetten. Conflicterende politieke en handelsbelangen dreigen zwaarder te wegen dan de overeengekomen doelen (bijvoorbeeld: Chinese onderdrukking van mensenrechten; Europees landbouwbeleid). Ik wil inzetten op meer dan alleen abstracte tekentafelmodellen voor duurzame armoedebestrijding en wederopbouw. Ontwikkelingssamenwerking is politiek. Waar wij staan voor armoedebestrijding via bijvoorbeeld gelijkheid van mannen en vrouwen, erkenning van reproductieve rechten of maatschappelijk verantwoord ondernemen bedrijven wij politiek. Dan schieten soms concepten als ownership of voorwaarden van goed bestuur tekort. Daarom is ook projecthulp belangrijk, in de vorm van samenwerking met het maatschappelijk middenveld (bijvoorbeeld: onafhankelijke mensenrechtenorganisaties en vakbewegingen) of ondersteuning van progressieve krachten (bijvoorbeeld: de Birmese ondergedoken oppositiebeweging).

En ten derde cultuur. Cultuur is bij uitstek een geschikt instrument voor kosmopolitische politiek. Bijvoorbeeld: de conflicten in de islamitische wereld blijken aangewakkerd door een sentiment dat westerse arrogante dominantie de cultuur in die landen bedreigt. Dit heeft ook repercussies in de migrantengemeenschappen van die landen in Nederland, en dus voor sociale vrede in ons land. Dan biedt een activistisch internationaal cultuurbeleid emanciperende, positieve kanalen. Waardering van cultureel erfgoed (bijvoorbeeld: festival van Perzische poëzie) geeft volkeren een gevoel van identiteit en trots, terwijl de avant-gardistische uitdrukkingen ervan (bijvoorbeeld: biënnale van hedendaagse kunst in Turkije) gedragen worden door progressieve krachten in die samenlevingen. Dat zijn onze natuurlijke partners voor het vormen van een pluralistische globale cultuur waarin een ieder zich kan herkennen."

Welke richting wil je dat GroenLinks opgaat of op blijft gaan?
"Ten slotte. GroenLinks staat voor vrijzinnig solidair, groen, en internationaal. Ik wil meedoen aan een GroenLinks dat een emanciperend tegengeluid wil zijn voor het angstige navelstaren van regenteske bestuurders, verharde populisten en patriotten. Ik zie Nederland als klein en open land dat in hoge mate afhankelijk is van mondiale ontwikkelingen, terwijl het tegelijkertijd potentieel heeft om een initiërende ambitieus-vrijzinnige rol te spelen. Ik geloof in een GroenLinks dat hiervoor een drijvende kracht is."